Stemphylium botryosum | Syngenta Nederland

You are here

Website banner

Stemphylium botryosum

(Ascomycota: Klasse; Dothideomycetes:

Subklasse: Pleosporomycetidae:

Orde: Pleosporales: Fam. Pleosporaceae)

[Witte bladvlekkenziekte]

Levenswijze
Pleospora herbarum is de geslachtelijke vorm van Stemphylium botryosum. De schimmel overleeft op gewasresten. De pathogeen kan ook via zaad worden overgedragen. Het is een zwakte parasiet, die vooral optreedt op planten die al aangetast zijn of beschadigd zijn door iets anders. Dan kan deze schimmel via de verwondingen de plant binnenkomen. De schimmel doet het vooral goed onder vochtige omstandigheden. Latentieperiode is dan maar enkele dagen, wat betekent dat de epidemie zich snel kan ontwikkelen. Op oudere bladvlekken worden pseudotheciën gevormd waarin de ascosporen ontstaan. Het is niet duidelijk welke rol de ascosporen precies spelen in de epidemie. In het algemeen wordt aangenomen dat isolaten van de schimmel die afkomstig zijn van spinazie, niet pathogeen zijn op andere waardplanten. Het is niet duidelijk of het in spinazie gaat om een andere soort.

Waardplanten
Prei, ui, sjalot, knoflook, bieslook en spinazie.
 
Symptomen
De eerste symptomen zijn licht ovale vlekken, die bruin worden als de sporenproductie op gang komt. De vlekken groeien maar blijven in het algemeen ovaal en zijn scherp begrensd. Zwaar aangetaste bladeren verdorren. Als er geen sporen worden gevormd omdat het niet vochtig genoeg is, kunnen de vlekken o schade van gewasbeschermingsmiddelen of bemesting lijken.
 
Omstandigheden
De meest gedetailleerde informatie is bekend uit onderzoek aan spinazie. De optimum temperatuur voor groei van deze schimmel is 25 °C. Onder continu bladnat is tussen 25 °C en 30 °C de latentieperiode 2 dagen. Bij lagere temperatuur en korter bladnat neemt de latentieperiode toe. Voor optimale ziekteontwikkeling is 8 uur bladnat nodig. De schimmel overleeft droge periodes en groeit weer als het blad weer nat wordt. Wanneer de temperatuur tijdens de droge periode hoog is (30 °C), neemt de aantasting wel af.

Andere bronnen spreken juist van een schimmel die optreedt in uien onder koele, vochtige omstandigheden.

Teeltmaatregelen

  • Schoon uitgangsmateriaal
  • Houd andere ziekten uit het gewas
  • Oppassen met irrigatie bovenover, vooral tijdens warm weer.
Apron® XL