You are here

Insectenbestrijding in aardappelen

Bestrijding van ziekten en plagen in aardappelen

Aaltjes

Aardappelcystenaaltjes

Aardappelcystenaaltjes (Globodera species) zijn er in verschillende soorten :  witte (Globodera Pallida) en gele aardappelcystenaaltjes (Globodera Rostochiensis).

Doordat er geen resistente-tolerante rassen zijn kan de schade in consumptieaardappelen aanzienlijk zijn. Als u denkt dat er sprake is van een besmetting, voer dan een grondbemonstering uit. Als u een matige tot zware besmetting vindt, gebruik dan een krachtige aaltjesbestrijder

Andere aaltjes

Vrijlevende (Trichodorus/Paratrichodorus spp.) en wortelknobbelaaltjes (Meloidogyne spp.) veroorzaken steeds meer schade en verspreiden zich relatief snel. Met name het maïswortelknobbelaaltje (M. chitwoodi) vraagt extra aandacht in België.
 
Met granulaten kan u deze plaag niet volledig bestrijden. Daarvoor zijn de aaltjes ook in de ondergrond te mobiel. Wel kan u met een granulaat de schade tot een minimum beperken. Dit doet u door de aaltjes in de nabijheid van de aardappelen te bestrijden. Resultaat? De aardappel kan volop produceren en er vindt minder (zichtbare) aantasting plaats.

Ritnaalden

Ritnaalden zijn de larven van de kniptor. Deze larven overleven gedurende 4 tot 5 jaar in de grond en geven vooral vanaf het tweede jaar schade.
 
Deze schade bestaat uit gaatjes en gangen in de nieuwe knollen. Hierdoor kunnen partijen zelfs afgekeurd worden voor verwerking. Met granulaat is schade niet volledig te voorkomen, maar in combinatie met de bestrijding van de volwassen kevers is de schade wel te beperken.

Bladluis en toprol

Bladluizen

Zuigschade door bladluizen zorgt voor verlies van opbrengst en kwaliteit in consumptieaardappelen. Dit kost u geld.

Bladluizen die het meest voorkomen in aardappelen zijn de Groene perzikluis (Myzus persicae) en de Aardappeltopluis (Macrosiphum euphorbiae). Maar ook de Wegedoornluis (Aphis nasturtii) en de vuilboomluis (Aphis frangulae) kunnen forse problemen geven.

Deze problemen werden niet in de laatste plaats veroorzaakt omdat met name de vuilboomluis ongevoelig bleek is voor een groot aantal middelen.

Toprol

Toprol wordt veroorzaakt door de "Rosa" stam van de aardappeltopluis ( Macrosiphum euphorbiae). Deze stam van de aardappeltopluis overwintert op de roos en brengt bij het prikken een giftige stof in het blad. Hierdoor ontstaat de “rolling”.
 
Vooral de bladeren aan de top van de stengels vertonen het toprolverschijnsel; de bladeren krullen naar boven op. Deze krulling gaat soms gepaard met een blauwe tot donkerpaarse verkleuring. Deze symptomen zijn vaak pas in juli zichtbaar. Bij een ernstige aantasting kan het gehele blad afsterven.