Onkruidbestrijding peen: pak het juiste stadium en het juiste moment | Syngenta Nederland

You are here

Onkruidbestrijding peen: pak het juiste stadium en het juiste moment

Gewasbescherming
26.05.2020
Wortels zaaien

Bij de na-opkomst onkruidbestrijding in peen is nauwkeurigheid belangrijker. Net na opkomst is het gewas te gevoelig en vanaf het 6-blad stadium bestaat er residugevaar. Steven Dorrestijn, Crop Advisor bij Syngenta Crop Protection, geeft tips voor een effectieve aanpak.

Nauwkeuriger

Onkruidbestrijding is natuurlijk in elk gewas belangrijk maar in peen komt het toch net iets nauwer dan in veel andere gewassen. “Peen groeit heel langzaam in het begin”, weet Steven Dorrestijn,

“Je hebt daardoor in het begin een erg open gewas en dat maakt de peen gevoeliger voor concurrentie door onkruid. En tot het 2-bladstadium zijn de plantjes erg gevoelig voor contactherbiciden.”

Bescherming

De eerste weken moet de bescherming tegen onkruiden komen van de bodemherbicide die vlak na de zaai wordt toegepast. Dorrestijn:  “Het succes van die bespuiting hangt sterk af van de beschikbaarheid van vocht. Veel telers zullen bij de huidige droogte beregenen na het zaaien. Maar dat doet toch altijd minder voor de bodemherbicide dan een mals buitje. Het is dus belangrijk dat de teler goed volgt hoe de werking van de bodemherbicide uitpakt.”

Juiste stadium

Zodra de peen in het 2-blad stadium is beland, kan de teler het onkruid te lijf met contactmiddelen. “Tot en met het 4-bladstadium heb je goede mogelijkheden”, stelt Dorrestijn. “Uiterlijk in het 6-bladstadium moet je de onkruidbestrijding op orde hebben, maar liever eerder. Vanaf het 6-blad stadium komen de kopjes van de peen boven de grond en dan wordt de kans op residu groter.” De middelenkeuze is niet echt een issue volgens Dorrestijn. “Voor 90% van de telers zijn nachtschade en melden de belangrijkste onkruiden en 80% van de telers gebruikt alle drie de toegelaten middelen in peen. Met maximaal 3 LDS-bespuitingen moet je het onkruid dan de baas zijn. Het is dus ook belangrijk om het onkruid in een zo klein mogelijk stadium aan te pakken.”

Veilig moment

Behalve het juiste gewasstadium is ook het spuitmoment van groot belang. “Voor de gewasveiligheid kun je het beste op een droog gewas spuiten”, vindt Dorresteijn. “En helemaal windstil is ook niet aan te bevelen omdat de spuitnevel dan nog wel eens de verkeerde kant wil opdwarrelen. Dat kan risico’s geven voor buurgewassen. Praktisch gezien kun je contactherbiciden in peen gewoon het beste ‘s middags spuiten.” Wat de spuittechniek betreft adviseert Dorrestijn om een groffe druppel en genoeg water te gebruiken. “Bij de meeste middelen is een 90% driftreducerende dop verplicht, dus de groffe druppel komt er automatisch”, besluit de teeltadviseur.