Ui vanaf vier pijpjes beschermen tegen schimmelziekten | Syngenta Nederland

You are here

Ui vanaf vier pijpjes beschermen tegen schimmelziekten

Gewasbescherming
28.06.2021
Ui

Veel uienpercelen zijn in het stadium beland waarin het gewas gevoelig wordt voor schimmelziekten. Bovendien zijn de weersomstandigheden momenteel gunstig voor zowel valse meeldauw als bladvlekkenziekten. Steven Dorrestijn adviseert om het uiengewas te beschermen.

“De belangrijkste uienschimmels kunnen nu al in het gewas zitten maar je ziet ze vaak nog niet. Dat ze allemaal een verschillende incubatietijd (tijd tussen infectie en zichtbaar worden ziekte) hebben, maakt het lastig grijpbaar. En we gaan steeds meer toe naar een situatie met alleen preventieve middelen. Door al die factoren wordt het steeds belangrijker dat je op tijd begint met spuiten.” Steven Dorrestijn maakt het niet mooier dan het is. In zijn functie als crop advisor bij Syngenta Crop Protection ziet hij dat veel uienpercelen in het stadium zijn beland van minimaal 4 pijpjes en de uien elkaar in de rij beginnen te raken. “Je krijgt nu echt een microklimaat onderin het gewas”, weet Dorrestijn. “Bij de zaaiuien begint nu de bolling en dan wordt de ui gevoeliger voor schimmels.” Ook de weersomstandigheden spelen de schimmelziekten in de kaart. “Valse meeldauw moet het hebben van een hoge RV en lange dauwnachten”, vervolgt de adviseur. “Bladvlekkenziekte gedijt juist goed bij natte omstandigheden door neerslag of beregening. Al deze factoren zijn nu aanwezig. Daarom adviseer ik telers om hun uiengewassen vroeg en preventief te beschermen.”

Brede werking

Dorrestijn baseert zijn advies niet alleen op de gewas- en weersomstandigheden: “Je moet schimmels voor blijven met een preventieve aanpak.” Voor de eerste bespuiting is een mancozeb houdend middel prima geschikt, volgens de adviseur. “Dit jaar kan het nog, dus profiteer ervan”, aldus Dorrestijn. Voor de tweede bespuiting is het nieuwe fungicide Orondis plus Amistar volgens hem de beste kandidaat. “Het beschermt zowel tegen valse meeldauw als tegen bladvlekkenziekte. En Orondis plus Amistar neemt ook papiervlekkenziekte en stemphylium mee. Je geeft het gewas dus een brede bescherming. Je weet immers nooit precies welke schimmels de overhand krijgen. En je kunt ook het weer niet voorspellen.” Volgens de adviseur kan Orondis plus Amistar zonder bezwaren worden toegepast in een jong gewasstadium. “Het middel is ook in een vroeg stadium zacht voor het gewas”, verzeker Dorrestijn. “Dat is een belangrijk voordeel ten opzichte van andere fungiciden.”

Afwisselen wordt belangrijker

Orondis plus Amistar mag drie keer per seizoen worden toegepast met een interval van 21 dagen. “Door z’n brede preventieve werking komt Orondis plus Amistar het best tot z’n recht in het eerste deel van het seizoen”, vertelt Dorrestijn. “De derde toepassing is ook niet altijd nodig. Onze testgebruikers hebben het middel voornamelijk ingezet voor de bespuitingen 2 en 5. Tussendoor zal de teler afwisselend andere middelen moeten inzetten.”  Dat afwisselen is belangrijk vanwege resistentiemanagement. En omdat er steeds minder middelen beschikbaar zijn, wordt afwisselen alleen maar belangrijker. Dorrestijn: “Daar zullen de uientelers nog flink aan moeten wennen. Mancozeb had altijd een belangrijke rol in het resistentiemanagement. We zullen straks alle beschikbare middelen nodig hebben. Gelukkig heeft Orondis plus Amistar twee actieve stoffen.” Het nieuwe Orondis plus Amistar maakt het spuitschema niet duurder, besluit Dorrestijn. “En het is vloeibaar, dus praktisch in het gebruik. Bovendien zit het mooi laag in actieve stof. Dat wordt ook steeds belangrijker.”