You are here

Teeltinfo 2 mini pruimtomaat 2016

Glasgroenten
23.02.2016

Actuele situatie

Na een lichtrijke week 3 en 4 volgde een extreem donkere week 5. In week 6 hebben we gemerkt dat het licht weer de juiste kant op gaat. Mede door de toenemende daglengte winnen we iedere dag weer een aantal joules. Globaal krijgen we iedere week 100 joules bij. Teelten met hoge etmalen in januari  (17°C+), zijn de laatste 3 weken sterk in etmaal moeten teruggaan richting 15-15,5°C. Teelten die het voorzichtig aan deden in januari  met etmalen van 15,5 tot 16,5°C zijn vrij gelijk kunnen blijven in etmaal en realiseerden in week 6, 16°C+. December plantingen welke onvoldoende teruggegaan zijn in temperatuur in de extreem donkere week 5 stookten hun gewas gemakkelijk leeg. Dit uit zich in meer kniktrossen, moeizamere scheuten en kortere troslengte. Door de lichtere week 6 en de koudere buitentemperaturen begin week 7, worden de planten mede hierdoor weer groeizamer/sterker en gemiddeld genomen iets voller. Wat duidelijk te zien is aan meer splittrosjes in de kop. De eerste vruchten in de vroeg geplante onbelichte teelten beginnen door te kleuren.

Bij de planten met driekoppers zien we iets meer gelijkheid tussen de stengels dan de tweekoppers, waarbij er al snel een extra dief is aangehouden. Driekoppers hebben een generatiever karakter en moeten iets voorzichtiger gestookt worden dan 2 koppers om voldoende kracht te houden gedurende de eerste teeltweken. Bij Angelle zagen we dat voornachten van 10 a 11 graden gewenst waren om de plant in de juiste balans te brengen. Dit is gemiddeld toch een 2 tal graden lager dan bij tweekoppers. Ook zijn er dit jaar kassen, waarbij er tweekoppers en driekoppers door elkaar heen zijn geplant om op een specifieke stengelafstand uit te komen in functie van mat en druppelsysteem. We zien hier duidelijk verschillen. De driekoppers haal je er vaak uit en moeten misschien extra gesnoeid worden om ze uniform te krijgen met de 2 koppers.

Klimaat

Het gewas begint meer vocht te produceren en de zonkracht neemt in deze tijd al snel toe. In de ochtend, als de buitentemperatuur nog laag is, kan het verschil tussen kastemperatuur en buitentemperatuur vaak snel oplopen door de zonkracht. De kas warmt namelijk sneller op dan de buitenlucht. Het gevaar bestaat dat er al snel met te grote raamopeningen wordt gelucht. Blijf hier voorzichtig mee zolang de buitentemperaturen onder de 10 graden blijven. Koude op de kop zorgt voor lagere planttemperaturen waarbij er een gevoeligheid ontstaat voor gele koppen en groeivlekken. Er mag gerust kort op de stooklijn gelucht worden maar werk hierbij met grote P-banden van 25 of hoger bij lage buitentemperaturen. Algemeen geldt: “snel luchten met trage reactie”. Ook speciaal aandacht voor het lichttrajekt. Laat dit niet te vroeg ingaan, bijvoorbeeld pas vanaf 200 tot 400 watt. Veel discussie is er ook over de windzijde. Door de windzijde iets te kieren wordt er gemakkelijker vocht afgevoerd en ontstaat er een iets gelijker klimaat. Bovendien hoeft de luwzijde hierbij niet ver open. Natuurlijk blijft het opletten voor de windsnelheid en de windrichting(oostenwind). Ook bij het opengaan van het scherm zien we nu dat er meer vocht van het scherm afkomt. Zeker met koud weer wordt dit nog verergerd. Kijk eens naar de stappen van openen.

Wees verder ook kritisch op het gebruik van het scherm in de namiddag. Voorwaarde is hierbij dat dit gedaan wordt bij een sterk groeiend gewas om deze meer aan te zetten en hierdoor generatief te sturen. Ook is het belangrijk dat de buis in deze periode niet wegvalt en het vochtdeficiet boven de 3,4 blijft en het klimaat dus niet te benauwd wordt. In de vooravond mag bij zachter weer het scherm weer openlopen om het gewas goed af te koelen en meer vocht af te voeren. Door het scherm vroegtijdig te openen krijgen we een korte ochtenddip in de ochtend.  Een ochtenddip maakt de planten en trossen compacter en tevens de trosstelen sterker.

We willen nog steeds sterk generatief sturen op Angelle, Sweetelle, Bamano, Babeno & Funtelle . Dit kunnen we vooral doen door sterk op licht te reageren en te werken met een groot verschil in dag- en nachttemperatuur. De daglengte is wel aan het langer worden, maar is verhoudingsgewijs nog steeds kort. Probeer bij een sterk gewas tijdig op temperatuur te zijn in de ochtend. Zeker wanneer er veel licht voorspeld wordt. Op die manier is het makkelijker om de plant aan het eind van de dag tijdig op kleur te krijgen. Rond 11.00-12.00 uur mag de kastemperatuur met voldoende licht gerust 26-27 graden zijn. Wel blijft het oppassen dat de temperatuur hierbij niet doorloopt naar 28-29 graden. Bij een sterk gewas mag de temperatuur aan het eind van de dag gerust worden vastgehouden, doe dit eventueel door met een lichtsomverhoging te werken van 15.00 tot 18.00 uur. 

Het  tijdstip van het ingaan van de verschillende periodes heeft ook grote invloed op het etmaal en op kracht sturen. (zie onderstaand schema)

Etmaaltemperatuur

Plantafstanden (Zie ook teeltinfo 1 Wk2 terug)

De belichte teelten staan ondertussen al op eindafstand. De niet belichte teelten hebben vaak reeds 1 rondje extra stengels aangehouden en staan op een afstand van 3,3-3,75 st/m2.  De komende weken(week 7 tot 12)zal naar de eindafstand gegaan worden. De extreem nauwe stengelafstanden nemen week 14-15 vaak nog een laatste scheut erbij. Het tijdstip hiervan wordt veelal bepaald door de kracht van de plant, plantdatum, glasopstanden en ervaringen uit voorgaande jaren. Bij o.a Sweetelle, Funtelle & Bamano is het aan te raden een paar dagen voor het aanhouden van de extra stengel wat terug te gaan in temperatuur om de extra dief voldoende krachtig te maken. Een sterke dief zorgt voor sterkere trossen en werkt veel makkelijker. Bij iets vollere groei is het aan te raden om regelmatig een blaadje uit de kop te verwijderen. Dit zorgt voor een opener, generatiever gewas en minimaliseert vruchtval tijdens het bladsnijden. 

Watergift

Op de meeste bedrijven heeft het matgewicht/watergehalte het laagste punt reeds bereikt en is de interingsfase voorbij. Belangrijk hierbij is dat de bovenkant van de mat voldoende nat blijft. Matgewichten of watergehaltes lager dan 55% hebben weinig zin. Zolang we niet doorluchten en de plantbelasting nog laag is kunnen we met 2 cc per joule uit de voeten. Met toenemende plantbelasting en met een droger substraat zal dit meer moeten zijn. Streven is om vanaf nu iedere dag drain te realiseren. Bij een donkere dag is 10-15% voldoende, maar met licht mag dit 20-30% zijn. Kontroleer ook de afgifte verschillen tussen de kraanvakken en stuur zo nodig bij. De mat-Ec/drain-Ec die we nu zien is vaak nog aan de hoge kant, van 5 tot 10 Ec. De komende tijd moet dit voorzichtig verlaagd worden richting 4,5 tot 5 Ec. Streef ernaar om de druppel-Ec voldoende hoog te houden om de kleur goed op het gewas te houden en bij te dragen aan de stevigheid en smaak van de tomaatjes. Denk hierbij aan een druppel-Ec van 3,5 tot 4. Stop 4 a 5 uur voor zon onder met watergeven. Wees met donker/vochtig weer kritisch op giften na 12.00 uur. Bij drogere substraten of minder buffer per m2, kan het dan nodig zijn om een avondbeurt  toe te passen. Werk in de ochtend met grotere beurten om sneller drain te realiseren. Tevens is het belangrijk om de komende tijd de kaliumgift te verhogen, zeker nu we weer meer gaan recirculeren.

Diversen

  • Pas op dat de planten niet teveel in de rij hangen. Nu er weer meer met electrokarren door de rij wordt gereden, worden de planten sneller kapotgereden. 
  • Nu de ramen nog veel dichtblijven is het een ideaal moment om het kasdek weer van boven te laten wassen.
  • Laat meetboxen meegaan met de koppen van de plant. Nog belangrijker is dat de meetboxen allemaal op dezelfde hoogte hangen.
  • Controleer de pH van de eerste gietbeurten in de ochtend. Deze kan soms sterk afwijken. Spoel de leidingen ook regelmatig. Het water in de leidingen staat in deze tijd vrij lang stil waardoor er meer vervuiling of bacterievorming kan plaatsvinden.

De volgende teeltinfo kunt u verwachten in week 12