Elke strategie een eigen middelenmix | Syngenta Nederland

You are here

Elke strategie een eigen middelenmix

Maïs
04.03.2019
elke strategie in mais eigen middelenmix

Uit: Grondig 2-2019

In het vorige nummer van Grondig zijn we ingegaan op het verplicht telen van een vanggewas na de teelt van maïs op zand- en lössgrond en wat daarbij komt kijken qua planning en over leg met de telers. Dit om alle (oogst)werkzaamheden geregeld te krijgen. Ook de onkruidbestrijding vraagt echter om een geheel nieuwe strategie: om de groenbemester groen te houden en het onkruid geen kans te geven.

De verplichte teelt van een vanggewas in maïs heeft niet alleen effect op de planning en het oogsttijdstip. Ook de onkruidbestrijding moet anders, afhankelijk van de gekozen teeltmethode. Elke methode vraagt om een aangepaste aanpak van de onkruidbestrijding. In dit artikel gaan we dieper in op de mogelijkheden, de problemen  en de risico’s van de onkruidbestrijding in combinatie met onderzaai. We doen dit per teeltsituatie en houden meteen ook rekening met de beschikbare middelen. Ook hier is namelijk het één en ander gewijzigd  rondom de bodemherbiciden. Zo mag Gardo Gold niet meer worden  ingezet op zandgronden en is Akris helemaal niet meer toegelaten.   

Terbutylazine noodzakelijk

In praktijk werd in de afgelopen jaren op elk perceel de stof terbutyla-zine ingezet. Die zorgt voor een goede, brede en snelle werking op onkruiden. Ook tegen ooievaarsbek en op kiemend straatgras en ter versterking op gladvingergras is terbutylazine noodzakelijk. Met de beperkingen van Gardo Gold (niet op zandgronden) en het wegvallen van Akris is alleen Calaris nog maar aanwezig als bron van terbutylazine. Nog meer dan in het verleden zal dus Calaris moeten worden ingezet of worden toegevoegd aan de mix.

Ooievaarsbek in mais bestrijden met terbutylazine

Geen vanggewas nodig

Op zavel- en kleigronden of als er op zand of löss direct na de maïs een nieuwe teelt wordt ingezaaid (bijvoorbeeld wintertarwe), hoeft er geen vanggewas te worden geteeld. De onkruidbestrijding op deze percelen wordt het eenvoudigst en kan in veel gevallen blijven zoals u die altijd al deed. In deze situatie liggen twee opties voor de hand als het gaat om  een volledige onkruidbestrijding: óf Gardo Gold in combinatie met bijvoorbeeld Callisto en Milagro 40, óf Calaris in combinatie met Frontier Optima en Milagro 40. De stof terbutylazine wordt hier verkregen vanuit óf Calaris óf Gardo Gold, die nog wel op zavel en klei mag worden ingezet. Uiteraard kan aan de middelenmix nog een specifiek middel tegen lastige breedbladigen worden toegevoegd, bijvoorbeeld Peak tegen kamille of Banvel of Casper tegen haagwinde.

Vanggewas zaaien na de oogst

Als wordt gekozen voor het zaaien van het vanggewas na de oogst (dus snijmaïs oogsten voor 1 oktober, wat vraagt om de keuze van een vroeg maïsras) kan voor een robuuste onkruidbestrijding worden gekozen. Houd hier in overleg met de teler rekening mee qua perceelskeuze. De percelen met de hoogste onkruiddruk en de lastigste probleemonkruiden komen hier als eerste voor in aanmerking. Als basis kan voor deze percelen voor een mix met 1,0 tot 1,5 liter Calaris, 1,0 liter Frontier Optima en 0,6 liter Milagro 40 per hectare worden gekozen. Calaris zorgt ook hier weer voor de levering van de stof terbutylazine tegen onder meer ooievaarsbek en voor een versterking op gladvingergras. Als wordt verwacht dat er een nateelt van bieten of groenten komt, halveer dan de Calaris-dosering om mogelijke risico’s met nateelten te beperken en compenseer dit door een middel op basis van tembotrione toe te voegen. Voor lastige breedbladigen kan uiteraard nog een extra middel worden toegevoegd, bijvoorbeeld Banvel, Peak of Casper tegen  haagwinde.

Vanggewas zaaien tegelijk met de maïs

Raraigras geeft concurentie in de maisHet vanggewas (bijvoorbeeld rietzwenk) zaaien tegelijk met de maïs lijkt aantrekkelijk. Het kan in één werkgang, dus het is gemakkelijk en kostenbesparend. De maïs kan dan na 1 oktober worden geoogst. Als het gras zich goed en snel ontwikkelt, geeft dit concurrentie met de maïs, wat opbrengst kost. Als het om de onkruidbestrijding gaat, kleven er echter ook risico’s en nadelen aan deze methode. Het gebruik van specifieke grassenmiddelen en bodemherbiciden moet worden ontraden, want deze kunnen funest zijn voor het gezaaide gras. Wat dan praktisch overblijft voor de onkruidbestrijding is Calaris met een toevoegmiddel tegen breedbladige onkruiden. Met een dergelijke simpele mix is er een flinke kans op een zwakke onkruidbestrijding. Ook kunnen er veel nakiemers komen door het ontbreken van een bodemherbicide. Gebruik in dit geval altijd een maximale dosering van Calaris (1,5 liter per hectare) voor de beste werking en de meeste nawerking. Bij vruchtopvolging kunt u de Calaris-dosering halveren en aanvullen met tembotrione. Uiteraard wordt de mix hier niet sterker van, omdat er zo minder terbutylazine wordt gegeven.

Hoewel de keuze voor late rassen (na 1 oktober oogsten) aantrekkelijk leek uit het oogpunt van een iets zekerder, hogere opbrengst en het in één werkgang zaaien van de maïs en het vanggewas kan een slechte onkruidbestrijding roet in het eten gooien en zorgen voor een tegenvallende opbrengst. Onkruiden nemen zoals u beslist weet veel water en voedingsstoffen weg van de maïs. Overleg als loonwerker deze risico’s vooraf duidelijk met uw telers, zodat ze hiervan op de hoogte zijn. De meest schone percelen, dus die met een lage onkruiddruk, lenen zich het beste voor het zaaien van een vanggewas tegelijk met de maïs.

Doorzaaien als de maïs op kniehoogte is 

De derde methode om een vanggewas te verkrijgen, is het doorzaaien van het gras als de maïs op kniehoogte is. Ook deze methode kent de nodige beperkingen en risico’s. Het is arbeidsintensief, dus als loonwerker zult u hiermee maar een beperkt deel van het areaal kunnen doen. Ook dient u de kosten (een extra werkgang) te overleggen met uw telers. De onkruidbestrijding is bij deze methode ook niet gemakkelijk. Hoewel het gras pas enkele weken na de onkruidbespuiting wordt gezaaid, blijkt uit onderzoek toch dat het gebruik van bodemherbiciden niet mogelijk is. Deze middelen worden ingezet om het gewas langdurig schoon te houden en geven dus nog veel nawerking op het kiemende gras. Een specifiek grassenmiddel (Milagro 40) kan wel worden ingezet, omdat dit alleen contactwerking heeft en geen bodemwerking. Het onkruidbestrijdingsadvies en de waarschuwingen voor het doorzaaien als de maïs op kniehoogte is, zijn vrijwel dezelfde als bij het zaaien van het vanggewas tegelijk met de maïs. Het belangrijkste verschil is dat bij doorzaai als de maïs op kniehoogte is wel Milagro 40 kan worden ingezet. 

Administreren noodzakelijk

Alles overziend maakt de verplichting van een vanggewas op zand- en lössgronden de maïsteelt en de onkruidbestrijding niet gemakkelijker. Tot vorig jaar kon vaak met één middelenmix het hele areaal worden gespoten. Dit jaar zal dat niet meer kunnen, omdat onderzaai of doorzaai beperkingen geeft in de te gebruiken middelen of omdat anders het vanggewas niet zal kiemen of zal worden bestreden. Om te voorkomen dat u klachten krijgt dat het vanggewas niet is gekiemd of is doodgespoten, zult u een goede administratie moeten bijhouden. U weet zo wat waar is gebeurd, dus welke percelen met welke middelenmix kunnen worden behandeld en in overleg met uw telers welke teeltmethode het best op welk perceel kan plaatsvinden. Om uw eigen spuit- en oogstwerkzamheden te plannen, doet u er goed aan hen ook te wijzen op de beperkingen die onderzaai of doorzaai met zich meebrengen qua onkruidbestrijding. Zeker bij percelen met een hoge onkruiddruk is een goede onkruidbestrijding in combinatie met grasonderzaai namelijk niet gegarandeerd.

Beslisboom

De verplichting van een vanggewas en het wegvallen van middelen maken de onkruidbestrijding voor 2019 er niet gemakkelijk op. Door Syngenta is een overzichtelijke folder met een beslisboom gemaakt. Deze geeft schematisch per situatie de mogelijkheden, adviezen en risico’s weer. 

onkruidbestrijding mais bij inzaaien gras als vanggewas