You are here

Syngenta zet stevig in op de ontwikkeling van nieuwe gewasbeschermingsmiddelen

Algemeen
26.04.2018
Roeland Kalkdijk interview ontwikkeling nieuwe gewasbeschermingsmiddelen Syngenta

Syngenta zet stevig in op de ontwikkeling van nieuwe gewasbeschermingsmiddelen. De middelen worden zeer streng onderzocht, maar het blijft lastig om ze op de markt te houden. Op welke ontwikkelingen zet Syngenta in? Roeland Kalkdijk, hoofd van de technische dienst van Syngenta, legt het uit.

Circa 10% van de verkoopopbrengsten van Syngenta gaat naar Research and Development (R&D) voor innovaties en stewardship. Het gaat om een bedrag van $1,4 miljard. Waar gebruikt Syngenta dit geld voor?
"Een deel wordt gebruikt voor de ontwikkeling van nieuwe producten en een ander deel is voor onderzoek naar innovaties. Naast de ontwikkeling van nieuwe chemische middelen, zijn we ook druk met de ontwikkeling van groene producten. Zo zoeken we bijvoorbeeld (samen met DSM) naar micro-organismen die planten kunnen beschermen. Daarnaast zijn we bezig met technologische ontwikkelingen; een voorbeeld daarvan is dat we onderzoeken wat we kunnen bijdragen aan drift-reductie door nieuwe spuittechnieken."

Kunt u een voorbeeld noemen van ontwikkelingen op het gebied van zaad en gewasbescherming?
"Het ontwikkelen van resistenties in zaaizaden blijft erg belangrijk. Ook is duurzame productie voor ons belangrijk; zo zetten we in op geïntegreerde gewasbescherming. Daarnaast streven we naar een maximaal effect, met zo min mogelijk middelen en zo weinig mogelijk impact op de omgeving. Daarom is het belangrijk dat we de middelen direct op de plek van bestemming krijgen, en bijvoorbeeld niet in water en niet-doelwitgewassen."

"We zijn tevens druk bezig met precisielandbouw, zodat we meer kunnen spuiten op een plek met onkruid en minder hoeven te spuiten op de plekken met een lage onkruiddruk. Tegelijkertijd zijn we ook voorzichtig met te lage doseringen, omdat dat weer resistenties van ziekten en plagen tegen de gewasbeschermingsmiddelen kan opwekken."

Op de bijeenkomst van de Agricultural Sprayer Academy (ASA) in Gent is er ook gesproken over de RNAi-technologie. Wat houdt deze technologie precies in?
"Het is een natuurlijke, op DNA-gebaseerde technologie die specifiek werkt op 1 insect. Dit doordat het middel de ontwikkeling van eiwitten in het specifieke insect stopt en niet in de andere insecten. Als er bijvoorbeeld een Colorado-keverplaag is, kan er specifiek op Colorado-kevers gewerkt worden (door een DNA-match). Zo hebben bijen bijvoorbeeld geen match met het middel en dus gaan zij er niet dood aan. RNAi-technologie gebruikt daarmee een natuurlijk proces en kan toegepast worden als spuitmiddel."
 

Hoe ziet de toekomst van gewasbeschermingsmiddelen eruit?
"Chemische middelen zullen nodig zijn, maar de keuken staat niet vol met nieuwe middelen. Er moet zuinig omgegaan worden met de middelen die we hebben. We verliezen 4 keer zo snel middelen en toepassingen als dat we nieuwe producten geregistreerd krijgen. Echter, door de vele beperkingen op het etiket is de terugverdientijd langer, waardoor de producten niet direct goedkoper worden. We zien een ontwikkeling waarbij steeds meer aandacht is voor selectieve middelen, maar deze niet-breed-inzetbare producten moeten dezelfde weg doorlopen om toegelaten te worden."

Hoe gaat de keten hiermee om?
"De eisen vanuit de keten zijn streng en de geoogste gewassen moeten er goed uitzien. Toch komt er (hoe langer, hoe meer) een schaarste in middelen, ook op het vlak van insecticiden. Een eis is bijvoorbeeld dat er steeds minder residu op het geoogste product zit. Om aan die eis te kunnen voldoen, was zaaizaadbehandeling heel effectief. Als de zaaizaadbehandelingen worden beperkt zullen er weer meer gewasbespuitingen uitgevoerd gaan worden, wat mogelijk weer meer residu op het product oplevert."

"Ook de brede maatschappelijke discussie speelt natuurlijk mee. De middelen behoren echter tot de best onderzochte middelen van de wereld. Alle middelen zijn tot in den treure onderzocht. Als ze op de juiste manier toegepast worden, zijn de risico’s minimaal."

Dit interview is onderdeel van de Agricultural Sprayer Academy en zijn partners en is geplaatst op Boerenbusiness.nl