You are here

Sipha (Rungsia) maydis

Sipha (Rungsia) maydis
Sipha (Rungsia) maydis (Passerini, 1860)

Sipha (Rungsia) maydis

Kenmerken

Vrij kleine soort (1,6-2,1 mm) die algemeen voorkomt in Europa, het Middellandse-Zeegebied, het Midden-Oosten, Centraal-Azië, India en Zuid-Afrika.

Het voorhoofd is bol, zonder voorhoofdsknobbels of middenknobbel. De vrij brede, ovale ongevleugelde levendbarende vrouwtjes hebben antennen die uit vijf leden bestaan en korter zijn dan de helft van het lichaam. Het laatste antennelid is ongeveer twee maal zo lang als de sifonen. De sifonen zijn kort en stomp. De cauda is breed en rond en meestal bezet met vier haartjes. De kleur van de bladluis is glanzend donkerbruin of zwart en het gehele lichaam is bedekt met talrijke lange haartjes. Ongevleugelde vrouwtjes hebben gewoonlijk een dikke laag chitine over de gehele rug van het achterlijf, terwijl gevleugelde vrouwtjes worden gekenmerkt door een grote zwarte vlek op het midden van het achterlijf.

Levenscyclus

Overwintering als eitje is alleen uit Turkije gemeld. Elders overwintert de soort waarschijnlijk als levendbarende vorm op grasachtigen (Gramineae). Deze bladluis leeft gewoonlijk op de bovenzijde van het blad nabij de basis, maar ook op stengels en in de bloemhoofdjes van de waardplant. De soort koloniseert talrijke grassen, met inbegrip van granen, zoals maïs (Zea), haver (Avena) en tarwe (Triticum). Waardplant (winter en zomer) Veel grasachtigen (Gramineae) waaronder ook economisch belangrijke gewassen Levenscyclus Holocyclisch en anholocyclisch

Schade

De zuigactiviteit van Sipha (R.) maydis leidt tot vergeling van blad wanneer dat ernstig is aangetast. Dat zal dan in lengterichting krullen en verdorren. De bladluis kan schadelijk zijn in warmere en drogere klimaten.