You are here

Koolzaadglanskever

Koolzaadglanskever
Meligethes aeneus

Koolzaadglanskever

Kenmerken

Volwassen insect, de kever is 1,5 tot 2,5 mm lang. Het lichaam van het volwassen insect is zwart met een metaalblauwe glans op de rugzijde en ze heeft donkere poten. De larve is bezet met zwarte punten en beschikt over duidelijke poten en is zeer beweeglijk.

Levenscyclus

De volwassen insecten overwinteren in humusrijke bodems. Ze verschijnen in maart, verplaatsen zich over korte afstanden naar de meest nabijgelegen planten en beginnen zich meteen te voeden. Vervolgens vliegen ze over langere afstanden om teelten van kruisbloemigen binnen te dringen: koolzaad, raapzaad en zaadgewassen van kruisbloemige groenten. Ze voeden zich met pollen en vóór de bloei vreten ze bloemknoppen aan, om de meeldraden te bereiken. De eitjes worden afgelegd aan de basis van de bloemknoppen via gaten die geboord zijn door de wijfjes. De larven ontwikkelen zich in de bloemknoppen en later in de bloemen, ten koste van het stuifmeel waarmee ze zich voeden. Wanneer de larven volgroeid zijn, laten ze zich vallen om zich in de bodem te verpoppen. De periode van de eiafleg tot het verschijnen van de kevers beslaat 6 tot 10 weken. De volwassenen van de nieuwe generatie verschijnen in juni, voeden zich op de laatste bloemen en vliegen dan naar andere bronnen van stuifmeel vooraleer ze hun overwinteringsplaatsen opzoeken vanaf juli.

Schade

Vóór de bloei van koolzaad doorboren de volwassen kevers de bloemknoppen om bij het stuifmeel te komen, beschadigen aldus de stamper en kunnen steriliteit en vroegtijdig afvallen van talrijke bloemen veroorzaken. Bij de bloei voeden deze zich met vrij stuifmeel en veroorzaken ze dus minder schade.