Maïszaai vanaf 2e helft mei: Welke vroegrijpheid kies je dan?

Akkerbouwzaden
Er moet nog veel maïs gezaaid worden. Is het nodig om half mei al direct over te schakelen naar een zeer vroeg of ultra-vroeg ras? In de meeste gevallen niet. Pas bij een zaai in de laatste week van mei of in juni zijn deze rassen aan te bevelen.


Bij maïszaai tussen 15 en 25 mei is een vroeg en soms zelfs een (vroeg) middenvroeg maïsras nog altijd mogelijk. Door het gedaalde areaal kan het straks lastig zijn om maïs bij te kopen, dus zorg zelf voor je maïsvoorraad door te kiezen voor rassen met een hoge opbrengst. Wel is het aan te bevelen om onderzaai toe te passen om geen risico’s te lopen met de oogstdatum.

Roel van Avermaet, Technisch Specialist : Vroeg vs middenvroeg -  Wat is wijsheid? 

Er bestaan 2 aanbevolen rassenlijsten voor snijmaïs : een vroege en een middenvroege lijst. Men moet echter weten dat er al jaren “overlap” is tussen beide groepen. Dit wil zeggen dat een behoorlijk aantal rassen eigenlijk in beide groepen kunnen thuishoren. En onderzoek leert ons ook dat de verschillen in DS-gehalte minder ver uit elkaar liggen dan je zou denken. Dit wordt duidelijk in onderstaande tabel met oogstgegevens van 2022 waarbij een “middenvroeg” ras getest werd in de vroege groep. Hierin zien we bijvoorbeeld:

  • Het verschil in DS-gehalte tussen een vroeg ras en bepaalde rassen van de middenvroege groep is zeer klein.
  • Een zeer vroeg maïsras kan na een warme zomer heel snel doorschieten naar te hoge (ongewenste) DS-gehaltes boven 40%.

Tabel : Proeven Nederland 2022 snijmaïs vergelijking 3 vroege rassen met een middenvroeg referentieras.

  DS gehalte %       DS opbrengst rel.  Aanbevolen op        FAO Indicatie  
"zeer" vroeg ras 4398 vroege lijst NL190
 vroeg ras40100 vroege lijst NL 210
"middenvroeg" ras 39107 middenvroege lijst NL 230
"laat" vroeg ras37101 vroege lijst NL220

Verder is het ook belangrijk te weten dat het totale DS-gehalte niet alles zegt over de vroegheid. 
Ook de vroegheid van de kolf is belangrijk. Zo halen “POWERCELL”rassen al eerder een hogere kwaliteit dan hun FAO index doet vermoeden door hun opmerkelijk vroege kolfrijpheid.

Conclusie

De zaai verloopt minder vlot dan gehoopt. Dit mag echter geen reden zijn om mogelijke opbrengst te laten liggen en nu al over te schakelen naar ultra-vroege rassen (m.u.v. scheurgrond). Alle rassen uit de vroege en zelfs een aantal uit de middenvroege groep zijn in veel gevallen geschikt voor een zaai tot 20-25 mei. Verder kan het ook raadzaam zijn om iets dunner te gaan zaaien om het kolfaandeel te bevorderen: 

  • middenvroege rassen: 85.000-90.000 zaden/ha
  • vroege rassen: 90.000-92.000 zaden/ha
  • ultra-vroege rassen: 95.000 zaden/ha

Voor een overzicht van onze vroege rassen, klik hier

Voor een overzicht van onze middenvroege rassen, klik hier