Alternaria brassicicola | Syngenta Nederland

You are here

Website banner

Alternaria brassicicola

[Spikkelziekte]

 

Inleiding

Er zijn twee soorten Alternaria die vlekken op bladeren, zaaddozen en koppen veroorzaken. Ze kunnen los van elkaar of als gemengde infectie optreden in alle belangrijke soorten brassica. Verliezen zijn vaak het gevolg van effecten op uiterlijk en kwaliteit. Een verwante soort, Alternaria Raphani, tast radijs aan.

 

Geografische verspreiding

Alternaria bladziekten zijn in alle delen van de wereld belangrijk in groentegewassen en gewassen geteeld voor zaadproductie.

 

Symptomen en diagnose

De eerste symptomen zijn kleine donkere vlekken (met een diameter van 1-2 mm) die lijken op vlekkenpatronen die geassocieerd worden met andere ziekteverwekkers of fysiologische problemen. Vlekken op de bladeren worden groter en zijn bruin van kleur, met concentrische ringen van sporevormende schimmelgroei. Deze kenmerkende ringvormige vlekken hebben soms een gele rand. De ontwikkeling van kleine secundaire laesies rond deze grotere ringvormige vlekken is een nuttig middel voor diagnose. Het is lastig om A. brassicae op basis van symptomen op het blad te onderscheiden van A. brassicicola, maar dit onderscheid is onder een microscoop eenvoudig te maken aan de hand van de vorm van de sporen. In geval van een epidemie kunnen zich in zeer hoog tempo grote aantallen bladvlekken vormen, waardoor de meer volwassen bladeren afsterven. De ziekte verspreidt zich in het groeiseizoen verder over het gewas en infectie kan optreden op de stam en spruiten van spruitkool, koolkoppen en bloemkoolkoppen. Alternaria-bladvlekkenziekte veroorzaakt ook problemen in opgeslagen witte kool, hoewel de infectie vaak kan worden verwijderd bij het afsnijden van de buitenste bladeren. Bij zaadgewassen worden de zaaddozen aangetast; ernstig geïnfecteerde dozen rijpen prematuur en verliezen hun zaad.

 

Voorwaarden voor ziekteontwikkeling

Deze pathogenen zijn overdraagbaar via zaden en bevinden zich zowel aan de buitenkant als binnenin de zaden. Besmet zaad kan een lagere kiemkracht hebben en zaailingen produceren met geïnfecteerde cotyledonen. De niveaus van Alternaria spp. op zaden waren in recente jaren laag, maar er zijn veel bronnen van infectie door via de lucht overgedragen sporen aanwezig in gewasresten, nabijgelegen gewassen en onkruid. Verder worden voederbrassica's en koolzaad ook aangetast en op sommige plaatsen kunnen via de lucht overgedragen sporen die tijdens het oogsten van deze gewassen worden verspreid, belangrijk zijn. Voor sporevorming is ten minste 12 uur hoge luchtvochtigheid nodig en voor infectie is ongeveer 10 uur bladnatheid nodig, wil de ziekte zich in significante mate kunnen ontwikkelen. Beide pathogenen vertonen weinig activiteit onder de 5 °C, maar de sporenproductie is optimaal bij 18-24 °C voor A. brassicae en iets hogere temperaturen voor A. brassicicola (20-30 °C). De ziektecyclus duurt slechts 5-7 dagen en bij warm, nat weer kunnen epidemieën zich snel ontwikkelen. Bij radijs liggen de vereiste temperaturen tussen die voor A. brassicae en A. brassicicola en sporevorming treedt op bij temperaturen tussen 13-31 °C.

 

Impact en belang

De belangrijkste effecten van Alternaria-bladvlekkenziekte betreffen het uiterlijk van het verkoopbare product. Opbrengsten kunnen lager zijn wanneer er sprake is van bladverlies door een zware infectie of waar extra bijsnijden nodig is, met name in kwetsbare gewassen als Chinese kool, paksoi en raap. Bij zaaigewassen kunnen er effecten zijn op opbrengst en zaadgrootte. Ook kunnen oogsten worden afgekeurd als gevolg van ernstige infectie van de zaden. De ernst van de ziekte kan groot zijn wanneer legering tijdens of kort na de bloei van een gewas optreedt. Bij alle soorten brassica is weinig resistentie tegen deze ziekte bekend en telers kunnen genoodzaakt zijn fungiciden voor bladtoepassing te gebruiken wanneer gewassen symptomen beginnen te vertonen. Fungiciden worden eveneens gebruikt in zaaigewassen om de zaaddozen te beschermen.

Bestrijding van zaadgebonden Alternaria spp. middels zaadbehandelingen draagt bij aan de algehele beheersing van deze ziekten.

Apron® XL