Botrytis aclada | Syngenta Nederland

You are here

Website banner

Botrytis aclada

(Anamorfe Fungi)

 

[koprot in ui]

 

Levenswijze

Primaire infectie van uien door Botrytis aclada kan via geïnfecteerd zaad plaatsvinden of door infectie van loof. De schimmel kan op afvalhopen nog lange tijd nieuwe sporen vormen, die in het voorjaar het nieuwe gewas kunnen infecteren. Ook kan B. aclada overwinteren met sclerotia die twee jaar kunnen overleven in de grond en in het voorjaar sporen vormen. Infectie kan ook plaatsvinden vanuit naburige besmette gewassen. De kiembuizen van de conidiën groeien eerst oppervlakkig op het blad en penetreren dan via de huidmondjes. In eerste instantie worden in jonge bladeren alleen de epidermiscellen geïnfecteerd. Dit veroorzaakt geen zichtbare symptomen. Wanneer de bladeren ouder worden en afsterven, kan de schimmel goed uitgroeien en sporuleren. Ook de bloemen kunnen worden geïnfecteerd. Vooral bij vochtige omstandigheden treedt veel sporulatie op en verspreidt de schimmel zich verder via de lucht, insecten en telers die door het gewas lopen. In de bladeren groeit de schimmel richting de hals van de ui en van daaruit wordt de bol geïnfecteerd. Tijdens het loofklappen van de uien worden sporen verspreid die de verse snijvlakken kunnen infecteren. Ook wonden op de bollen kunnen worden geïnfecteerd. De symptomen op de bollen treden vooral op na 1-2 maanden in de opslag.

 

Waardplanten

B. aclada komt voornamelijk voor op ui en sjalot en soms op andere planten uit het geslacht Allium zoals knoflook en prei.

 

Symptomen

De schimmel vormt bruingrijs schimmelpluis op afstervende bladeren. Op bollen in de opslag ontstaan ingezonken plekken en grijs-bruin mycelium.

 

Omstandigheden

Sporenvorming en –verspreiding vinden plaats tussen 5 en 25 °C, met een optimum rond 15 °C, en vochtige omstandigheden of bladnat. Myceliumgroei vindt plaats tussen 5 en 30 °C met een optimum rond de 20 °C. Myceliumgroei is optimaal bij een RV boven de 95% en neemt bij een lagere RV snel af. Als grenswaarde voor infectie wordt 80% gehanteerd (Plentinger et al., 2004).

 

Teeltmaatregelen

  • minimaal 4 jarige rotatie
  • afvalhopen goed afdekken of verwijderen
  • bladbeschadigingen voorkomen
  • niet te hoge N-gift tijdens afrijping, dit bevordert de schimmel en vertraagt het afsterven
  • geïnfecteerde gewasresten niet onderploegen in een veld wat gebruikt zal worden voor uienteelt
  • rooien bij goed droog weer
  • versneld drogen van de uien na de oogst bij 25-30 °C

Maxim® 480FS

Wat doet Maxim 480FS? De actieve stof werkt tegen vele kiem- en bodemschimmels. in de groenten worden de zaadjes en...

Apron® XL

Wat is de werking van Apron® XL? Apron XL is een modern systemisch fungicide voor de behandeling van groentezaden....