You are here

Adviezen tegen aaltjes en ritnaalden in aardappelen met nevenwerking op bladluis

Aaltjes geven opbrengstschade doordat ze de ontwikkeling van het wortelstelsel belemmeren. Nemathorin 10G  zorgt voor een ongestoorde groei, waardoor de opbrengstderving beperkt blijft. Ook bij resistente rassen die minder tolerant zijn, is een behandeling met Nemathorin 10G al snel rendabel. Nemathorin 10G is een granulaat met als werkzame stof fosthiazaat. Het is werkzaam tegen alle soorten aaltjes die voorkomen in de aardappelteelt. De actieve stof zorgt ervoor dat aaltjes verlammen en na verloop van tijd afsterven.

Algemeen advies voor toediening

Rijenbehandeling
Tijden het poten van de aardappelen kan met een op de pootmachine opgebouwde granulaatstrooier Nemathorin 10G in de pootvoor worden gestrooid in een strook van 25-30 cm. Hiermee wordt de beginontwikkeling van het gewas gestimuleerd. Opbrengstschade door aardappelcystenaaltjes, wortellesie-aaltjes, wortelknobbelaaltjes en vrijlevende aaltjes wordt daarmee grotendeels voorkomen.

Volveldsbehandeling
Nemathorin 10G kan vlak vóór of tijdens het pootklaar maken van de grond in één werkgang volvelds worden gestrooid en ingewerkt tot een diepte van 10-15 cm. Voor een optimale werking is een gelijkmatige menging van het middel door de grondlaag van belang. Uit onderzoek is gebleken dat voor het inwerken van het granulaat de beste resultaten worden verkregen met een spitfreesmachine of een multivator/volveldsfrees.

Algemene dosering van Nemathorin 10G voor aaltjes:

  • Rijendosering: 7,5 kg/ha
  • Volveldsdosering: 30 kg/ha
  • Halve dosering volvelds: 15 kg/ha

Houd voor aardappelen een termijn aan van 120 dagen tussen toepassen en loofdoding.

 

Specifike dosering van Nemathorin 10G voor de diverse aaltjes en teelten en ritnaalden

Aardappelcystenaaltjes (Globodera pallida en G. rostochiensis) in zetmeelaardappelen

In zetmeelaardappelen is het probleem van aardappelmoeheid, veroorzaakt door cystenaaltjes, redelijk onder controle door de komst van (partieel) resistente rassen. Omdat de tolerantie van de zetmeelrassen sterk verschilt, is het in minder tolerante rassen aan te bevelen om een rijenbehandeling toe te passen. Zo stimuleert u de aanvangsgroei en komt u tot een maximale opbrengst. Advies: 7,5 kg Nemathorin 10G in de rij.

Aardappelcystenaaltjes (Globodera pallida en G. rostochiensis) in consumptieaardappelen

In de teelt van consumptieaardappelen zijn nog niet veel resistente rassen beschikbaar en dient er afhankelijk van de populatie een behandeling te worden uitgevoerd om de opbrengst veilig te stellen. Ook bij de teelt van een resistent maar weinig tolerant  ras als “Innovator” is het soms nodig een rijenbehandeling uit te voeren om de aanvangsgroei te stimuleren. Advies: Afhankelijk van de aanvangsbesmetting: 7,5 kg Nemathorin 10G in de rij of een volveldsbehandeling met 15 kg Nemathorin 10G.

Aardappelcystenaaltjes (Globodera pallida en G. rostochiensis) in pootaardappelen

In pootaardapplen is het van groot belang om een besmetverklaring met cystenaaltjes te voorkomen. Immers, een besmetverklaring leidt tot een verbod op de teelt van pootgoed. Om de kans op een besmetverklaring zo klein mogelijk te maken kan een behandeling met Nemathorin 10G een belangrijke bijdrage leveren. Advies: 15 kg Nemathorin 10G volvelds toepassen.

Wortellesie-aaltje (Pratylenchus penetrans) 

Vooral op lichte (zand)gronden wordt steeds vaker het wortellesie-aaltje aangetroffen. Mede als gevolg van de brede waardplantenreeks is dit aaltje moeilijk in toom te houden. Om de opbrengst veilig te stellen is een behandeling met Nemathorin 10G aan te bevelen. Advies:  Afhankelijk van de hoogte van de besmetting: een rijenbehandeling met 7,5 kg Nemathorin 10G of een volveldsbehandeling met 15 kg Nemathorin.

Het Trichodorus-aaltje

Ook het Trichodorus aaltje komt vooral voor op lichte gronden en kan enorme schade veroorzaken door achterblijvende groei.  Daarnaast is het de overbrenger van het tabaksratelvirus dat stengelbont en kringerigheid in de knol veroorzaakt. Advies:  Afhankelijk van de hoogte van de besmetting: een rijenbehandeling met 7,5 kg Nemathorin of een volveldsbehandeling met 15 kg Nemathorin 10G.

Het maïswortelknobbelaaltje (Melodogyne chitwoodii en M. hapla) 

Wortelknobbelaaltjes komen vooral voor op zand- en dalgronden en op lichte klei- en zavelgronden. Deze aaltjes vermeerderen zich snel en zijn moeilijk onder controle te krijgen vanwege de brede waardplantenreeks.  Ze veroorzaken knobbels op de knollen waardoor partijen soms onverkoopbaar zijn. Op besmette percelen mag geen pootgoedteelt meer plaatsvinden. Advies: Symptomen op de knol kunnen gedeeltelijk worden voorkomen met een rijenbehandeling met 7,5 kg/ha Nemathorin 10G, maar de beste resultaten bereikt  u met een volveldsbehandeling met 15 -30 kg Nemathorin 10G per ha.

Ritnaalden bestrijden

Ritnaalden zijn de larven van de kniptor, een kever die eitjes afzet op grasachtigen. Uit deze eitjes komen na ongeveer 5 weken larven die zich voeden met organische stof en met plantaardig materiaal. Ritnaalden bewegen zich in de grond en verplaatsen zich in het voorjaar en het najaar naar de oppervlakte om te eten. In het voorjaar zien we vooral schade aan jonge planten en in het najaar wordt schade veroorzaakt door kwaliteitsverlies. Denk aan aardappelen in de rug. 

Ons advies tegen ritnaalden in aardappelen

Om schade door ritnaalden in aardappelen te voorkomen is Nemathorin® een goede keuze om volvelds in een dosering van 20 kg/ha toe te passen. In de rij kan 7,5 kg worden gebruikt bij het planten. Actara® – ingezet tegen luis en toegepast in een dosering van 0,1 kg/ha als een rijenbehandeling bij het poten - geeft een goede nevenwerking tegen ritnaalden. Een 100% bestrijding van ritnaalden blijft lastig, omdat de omstandigheden bepalen wanneer de  ritnaalden  naar de planten gaan.

Nevenwerking bladluis met Nemathorin 10G

De werkzame stof van Nemathorin 10G wordt in de plant opgenomen en gedeeltelijk naar het blad getransporteerd. Naast de werking op aaltjes en ritnaalden geeft Nemathorin 10G ook meteen een bescherming tegen bladluis tot zo’n 9 weken na het poten. Met deze nevenwerking voorkomt u dus  een vroege luisaantasting in aardappelen.

Hoe kunt u uw granulaatstrooier het beste afstellen?

Om een optimaal resultaat te behalen, is het van groot belang om uw granulaatstrooier goed af te stellen bij verschillende rijsnelheden, volvelds of in de rij. Voor de verschillende granulaatstrooiers hebben we een en ander onder elkaar gezet. Ook kunt u een handige interactieve tabel downloaden zodat u zonder probleem uw instelling kunt berekenen.

APV MULTIDOSEERMACHINE INSTELLEN

Gebruikt u een APV multi-doseermachine van APV met 100 % exacte dosering, dan kunt u de folder downloaden over hoe u deze het beste instelt.